|
|
Samenvatting van de rasbeschrijving.
Groepsindeling: Nederland, FCI, groep 6, sect. l; KC. Land van herkomst:
Hongarije.
Hoofd; middelgroot, met een goed gevulde voorsnuit en een
tamelijk diepe snuit met een stomp profiel. De schedel is licht gewelfd,
licht aangegeven wenkbrauwen. Tamelijk vlakke stop, vlakke neusrug, droge
lippen en wangen, zwarte neusspiegel.
Ogen; middelgroot, ovaal, donkerbruin, met droge oogranden en
een vriendelijke uitdrukking.
Oren; matighoog aangezet, dicht tegen de wangen aan
gedragen, tamelijk kort, reiken tot boven de ogen.
Gebit; schaargebit.
Hals; matig lang, goed gespierd.
Lichaam; licht
rechthoekig, met een ruime en lange borstkas. Vlakke ruglijn met een
lichte welving boven de lendenen. Licht opgetrokken buiklijn.
|
|
Ledematen; normale botten voor
dit formaat hond, tamelijk open hoeking zowel voor als achter, goed
gespierd. Laaggeplaatste sprongen. Voeten; rond, goed gesloten, met sterke nagels.
Staart; laag gedragen, het onderste derde deel iets omhoog gebogen.
Bij de jacht kan de staart licht gekruld over de rug worden gedragen.
Hij moet tot aan de sprongen reiken.
Vacht; de hoogbenige variëteit heeft een dikke, tamelijk stugge en
glanzende vacht, terwijl de laagbenige variëteit een korte, sterke,
gladde en glanzende vacht heeft. Kleur; de basiskleur van de
hoogbenige variëteit is zwart met een bruine en witte aftekening. De
laagbenige variëteit heeft een bruinrode basiskleur met een witte
aftekening. De neusspiegel van deze variëteit mag bruinrood zijn.
Schofthoogte; hoogbenige honden 55-65 cm, laagbenige honden 45-50 cm. |
|